Overdenking

Een lied voor de reis naar Jeruzalem

Deze maand staan christenen wereldwijd stil bij de hen ontvallen naasten. Onze Rooms-katholieke zusters en broeders bezoeken op 2 november, Allerzielen, de begraafplaats of het columbarium. Ze geven met bloemen en planten de rustplaats van het graf of de urn extra kleur. Een dierbare wordt niet vergeten, hoe kort of hoe lang geleden ook gestorven. Hij of zij blijft in onze herinnering. Bij protestanten is het in gemeenten gebruikelijk op de laatste zondag van het Kerkelijk Jaar (dit jaar zondag 25 november) de overledenen te gedenken. Het is ieder jaar weer een bijzonder uur van samenzijn. Je voelt de onderlinge verbon­denheid, ook met vele gasten in ons midden. Het begin van ieder mensenleven is een wonder. Ook haar einde is bijzonder en moeilijk te begrijpen.

Het mensenleven op aarde is een wonder. De psalmist schrijft erover. Hij is on­derweg naar de stad van de sjaloom en weet zich gedragen door de Heer, die de hemel en de aarde gemaakt heeft. In vertrouwen gaat dit mensenkind zijn weg over bergen en over dalen. Onderweg waakt hij voor de gevaren. ’s Nachts geeft hij zich over aan de slaap. Ook ik mag de weg gaan van de pelgrims. Velen gingen mij voor en velen volgen mij na. De dichter vertrouwt en gelooft. Het geeft hem houvast en is hem tot steun en hulp. Hij weet: eens werd ook ik ge­zien, nog voor mijn lichaam gevormd was. Al vanaf toen ging de Heer met mij mee. Zoals een oude Bijbelvertaling het zegt: ‘… Mijn gebeente was voor U niet verholen, als ik in ’t verborgene gemaakt ben, en als een borduursel gewrocht ben in de onderste delen der aarde…’ Ja, een ongelofelijk wonder is het, dat ik besta! Mijzelf heb ik niet gemaakt. Het is de Heer, die de hemel en de aarde gemaakt heeft, die mij geformeerd heeft. De psalmist is zich er terdege van be­wust. De adem van God heeft mij tot leven gewekt.

Ook ik ben een kind van de God van de levenden. En zij, die mij ontvielen, kor­ter of langer geleden, behoren niet mij, maar de Heer toe. Een getuigenis, een geloofsbelijdenis om mee te dragen op jouw eigen unieke pelgrimstocht en reis naar Jeruzalem.

‘Ik weet van een stad die het einde is, een stad met een gouden geschiedenis, een stad van leven met woorden zoals je ze nergens nog hoorde. Ik weet van een stad, een nieuw begin, Jeruzalem, dat ik bemin.’ (tekst Hanna Lam)

John Bijman, predikant